Net zoals andere websites maken ook wij gebruik van cookies (en daarmee vergelijkbare technieken) om het bezoek van onze website voor jou nog makkelijker en persoonlijker te maken. Bovendien kunnen wij en derde partijen hiermee eventueel advertenties aanpassen aan jouw interesses en kun je informatie delen via social media. Door verder gebruik te maken van deze website ga je hiermee akkoord.

 
 

Wat ik wel en niet weet

Ik had voor de blog van deze week eerst een ander onderwerp in mijn hoofd. Maar ik kan onmogelijk heen om de gifaanval in Syrië en de uiteindelijk daaropvolgende raketaanval vanuit Amerika. Toen ik dat bedacht was echter mijn eerste reactie dat ik eigenlijk niets van deze situatie weet. Wat voegt mijn mening aan de discussie toe? Waarom zou het relevant zijn wat ik te vertellen heb?

Het is misschien wel het meest opmerkelijk dat mijn eerste reactie op zichzelf al de moeite van het vermelden waard is. Het is zogezegd een cybernetische reactie. De cybernetica beschouwt situaties door alle mogelijkheden in ogenschouw te nemen. Niet een paar scenario’s, niet een paar waarschijnlijke opties, maar letterlijk alle mogelijkheden. In tegenstelling daartoe zie je dat het in de media vooral over meningen en waarschijnlijkheden gaat. En ook nog eens over meningen en waarschijnlijkheden die, door de dynamiek van de massamedia, niet anders dan ongenuanceerd kunnen zijn.

Begrijp me goed. Mijn mening verschilt waarschijnlijk niet zo veel van die van jou, die net als ik Nederlands spreekt. Mijn mening is net zo goed gevormd door die massamedia en ik heb eerlijk gezegd in dit geval weinig reden om aan die mening te twijfelen. Maar het feit dat ik een mening heb, wil niet zeggen dat ik weet wat er precies gebeurd is en waarom. Ik ben van mening dat Assad op zijn zachtst gezegd een zeer onaangename man is, maar ik weet niet met zekerheid wat zijn overwegingen bij dit alles zijn geweest. Ik weet ook niet welke afwegingen Poetin maakt en ook niet wat Trump beweegt. Ik vind er van alles van en ik kan een inschatting maken, maar ik weet niets zeker.

Ondanks het feit dat ik heel weinig weet denk ik toch iets aan de discussie toe te kunnen voegen. Om dat uit te leggen vraag ik je nu eerst om iets in je handen te nemen dat bij je in de buurt ligt terwijl je dit zit te lezen. Natuurlijk kan ik onmogelijk weten wat dat is, maar dat neemt niet weg dat ik desondanks precies weet wat er gebeurt als je datgene zomaar loslaat. Het valt omlaag. Dit zeer eenvoudige voorbeeld laat zien dat ik een conclusie kan trekken die terecht is voor alle mogelijke lezers en voor alle mogelijke voorwerpen die jullie ter hand zouden kunnen nemen. En de zwaartekracht is niet de enige wetmatigheid waar we ons aan vast kunnen houden.

De constatering dat je nooit alle nuances van een situatie kunt kennen, maakt bijvoorbeeld dat je altijd een gesprek in moet gaan zonder vooringenomen mening. En dat geldt met name als je een gesprek ingaat met iemand waar je het grondig mee oneens lijkt te zijn. In de VN-veiligheidsraad, waar eerder deze week gevraagd werd om een nader onderzoek naar de gifaanval in Douma, zaten zowel Rusland en Amerika niet met een dergelijke open houding aan tafel. De Russische vertegenwoordiger maakte, mogelijk om de verkeerde redenen, maar wel terecht het punt dat een onderzoek niet zinvol is als partijen hun conclusies al klaar hebben liggen.

Het punt dat ik maak over de houding waarmee je een gesprek, elk gesprek, in zou moeten gaan, heeft te maken met de effectiviteit van je handelen. Ik zeg niet dat je daarbij je eigen mening zou moeten verloochenen; ik zeg wel dat de andere partij altijd iets relevants te berde kan brengen dat jij nog niet wist. En er is dus altijd de mogelijkheid dat je op basis daarvan je mening aan zult willen passen omdat je ziet dat er betere alternatieven zijn dan iedere gesprekspartner afzonderlijk had kunnen verzinnen. In hele andere contexten dan de VN-veiligheidsraad heb ik dit zelf al vele malen ervaren.

Ook bij de keuzes die Trump maakte kun je je afvragen hoe effectief die zijn. De verontwaardiging die Trump liet zien over de gifaanval delen we vrijwel allemaal. Wat dat betreft ben ik geen andere mening dan Trump toegedaan. Onze mening maakt dat we iets willen doen om een dergelijke ramp in de toekomst te voorkomen. Maar onze mening bepaalt slechts dat er iets zou moeten gebeuren, het bepaalt niet wat er moet gebeuren. En onze mening heeft al helemaal niets te maken met het feit of de reactie die we kiezen effectief is of niet. Dat wordt bepaald door wetmatigheden, niet door onze meningen.

De militaire actie tegen Syrië is slechts een van de zeer vele mogelijkheden waarmee op de gifaanval in Douma gereageerd had kunnen worden. Als tegenreactie daarop zijn er ook weer talloze mogelijkheden. De gewenste reactie – “Oeps, hier schrikken we toch wel heel erg van en we zullen het nooit meer doen.” – lijkt mij eerlijk gezegd niet de meest waarschijnlijke. Een gevolg dat wel te verwachten viel is dat de wereld zich als reactie op de raketaanval weer meer opsplitst in een ongenuanceerde “wij” en “zij”. Laten we hopen dat er binnenkort een aantal belangrijke mensen bij elkaar aan een tafel aanschuiven met het vermogen en de insteek om positief door elkaar verrast te worden.

 
Copyright © 2019
Website laten maken door Modual | Open cookie voorkeuren